Geboortehuis vervolg

Adressen-JCRutgersZoals in mijn vorige blog ‘geboortehuis‘ aangegeven, heb ik contact opgenomen met de gemeente Rheden met het verzoek om informatie betreffende het raadsel van de verschillende huisnummers op mijn geboortekaartje en de foto’s van mijn geboortehuis.

Ik ontving kort na mijn verzoek een scan van de persoonskaart van mijn vader. Een schoolvoorbeeld van dienstverlening door de afdeling Burgerzaken van de gemeente Rheden!

Op de persoonskaart zijn de verschillende adressen waar hij gewoond heeft, geregistreerd.

Dit lost de puzzel op: ik ben geboren op Bosweg 14 en bijna een jaar later heeft er een hernummering plaatsgevonden naar nummer 28. De foto’s waarop delen van mijn geboortehuis te zien zijn, moeten dus rond mijn eerste verjaardag zijn gemaakt.

Geboortehuis

JC2-Bosweg-Velp

Op het balkon met mijn vader (1956)

Gisteren hebben we een prachtige herfstwandeling gemaakt door de Onzalige Bossen en over de Posbank (NS wandeling Dieren – Roozendaal). De Bosweg, waar ik geboren ben, ligt vrijwel op de route naar station Velp. We besloten hier langs te wandelen om er een kijkje te nemen. Op mijn leeftijd blik je nu eenmaal graag terug in het verleden.

Volgens mijn geboortekaartje ben ik geboren aan de Bosweg 14. Toen we voor dit adres stonden, was er geen enkele herkenning. Ik heb nog geen 3 jaar in mijn geboortehuis gewoond, dus kan er geen sprake zijn van herinnering. Maar uit de verhalen en vage beelden van jeugdfoto’s zou mijn geboortehuis een vrijstaand wit huisje moeten zijn. Nummer 14 is een rijtjeshuis van rode baksteen.

Eenmaal thuis, heb ik direct mijn fotoalbum opgezocht. Op één van de foto’s is het huisnummer (28) en vaag het naambordje te zien. Google Streetview laat op Bosweg 28 ook een huis zien dat op meerdere punten gelijkenis vertoond met het huis op mijn jeugdfoto’s.

Ik houd ervan dat dingen ‘kloppen’. Dit is voor mij een puzzel. Wat is hier gebeurd? Is er een fout adres op mijn geboortekaartje geplaatst? Zijn de huisnummers aan de Bosweg rond 1955 gewijzigd? Hebben mijn ouders misschien eerst op nummer 14 gewoond en zijn ze later verhuisd naar nummer 28? Mijn ouders kan ik het niet meer vragen. Een reden om te onderzoeken of de gemeentelijke archieven mij uitsluitsel kunnen geven.

Geuzenbloed

Vandaag is het een dag om te gedenken. Daarbij kwam de uitspraak “wij hebben geuzenbloed” die wijlen mijn neef Gert (‘reuze geus’) op de begrafenis van zijn vader uitsprak bij mij naar boven. Dit is een uitspraak met een dubbele betekenis.

Letterlijk: wij zijn de nazaten van Marigje de Geus, onze oma. Figuurlijk: de geuzen waren onze eerste verzetstrijders. Verschillende leden uit ons voorgeslacht hebben op één of andere manier een bijdrage geleverd aan het verzet. Vorig jaar heb ik aandacht besteed aan het afwerpterrein in Stegeren. Vanavond bij de dodenherdenking sprak de 16 jarige Roos de woorden: “mijn heftigste herinneringen zijn die van een ander”. Dat geldt ook voor mij. Gelukkig zijn er verhalen en andere getuigenissen bewaard gebleven.

Deze week heb ik er drie teruggevonden op zolder in de doos van mijn ouders. Stille getuigenissen die verslag doen van geuzendaden. Goed om hierbij stil te staan.

Gedenken

foto door mijn zusje Evelien

Dit is een dag van stil staan en stil zijn. Mijn vader brandde op 4 mei een kaarsje voor zijn broer en zus. Behalve de bloedband was er nog iets was deze drie met elkaar verbond: het verzet in WOII. Dit ‘draadje’ hebben we op onze familiedag, die ik in een vorige blog heb genoemd, als neven en nichten gevolgd. Dit bracht ons bij het monument bij het afwerpterrein Stegerveld.

Mijn oom (schuilnaam Buter) en vader (jonge Buter) maakten deel uit van de verzetsgroep Vroomshoop en waren beiden actief op het afwerpterrein. Hun zus Map was koerierster. Meer informatie is te vinden in het document Vroomshoop bevrijd. Mijn vader heeft nooit veel verteld over deze tijd. Ik ben maar één keer met hem bij het ‘hol’, waarin ze zich verscholen, geweest. Nu wij de oudste generatie zijn, is het niet meer mogelijk informatie uit de eerste hand te verkrijgen.

Gelukkig zijn er mensen die de geschiedenis tastbaar maken, bijvoorbeeld in de vorm van een monument, waardoor het mogelijk is erbij stil te staan. Daarnaast zijn er boeken waarin de verhalen zijn gestold, zoals ‘met onvergetelijke moed’ van G. Heijink. Ook is er nog het verhaal van één van de leden van deze verzetsgroep Evert Vaartjes opgenomen door rtv Oost.

Ik neem de traditie van mijn vader over en brand vanavond een kaarsje.

Tastbare geschiedenis

Een aantal weken geleden hebben we een gezellige familiedag gehad in de buurt van Ommen. Tussen de neven en nichten (en de aanhang) lopen verschillende verbindingen: ‘draadjes’ die tezamen geweven zijn tot een familieband.

Eén van die draadjes wordt gevormd door onze gezamenlijke grootvader: Gerrit Rutgers, ook wel bekend als Meester Rutgers. Hij was in de periode van 1905 t/m 1946 werkzaam als hoofdonderwijzer op de Gereformeerde School te Vroomshoop. Na de familiedag heb ik een doos van zolder gehaald waarvan ik wist dat er nog spullen van mijn grootvader in zaten. Daar kwamen meerdere verrassingen uit, die ik op mijn blog zal delen.

De mooiste vondst vind ik een set van 26 kaarten met de bijbehorende tekst van de revue bij zijn afscheid als hoofd der school op 17 januari 1946. Ik noem dit een powerpoint uit de oude doos. Hoe het precies in zijn werk is gegaan, weet ik niet. Ik stel mij voor dat mijn grootvader de kaarten één voor één moest omdraaien terwijl een (oud?)leerling de bijbehorende tekst voordroeg. Klik op onderstaand icoon voor het starten van de diapresentatie.

Het publiek moet in die tijd wel geduldig zijn geweest. In de eerste plaats konden de meesten de afbeeldingen niet zien en in de tweede plaats was de tekst – voor de huidige begrippen – lang(dradig).

Ongetwijfeld liggen er op vele zolders nog vergelijkbare ‘schatten’ die getuigen van het verleden. Nu hebben we de mogelijkheid deze tastbare zaken te delen. Ik vraag mij af of er twee generaties na mij ook mensen zijn die getuigen van een vondst in één van de uithoeken van (de opvolgers van) internet van een presentatie van één van hun voorouders in slideshare, een verhaal in een blog, een brief, een e-book of een aantal digitale foto’s of filmpjes. Of is onze geschiedenis straks vervluchtigd?

Afrika is besmettelijk

Een mijlpaal: mijn 100-ste bericht. Ik draag deze op aan Steven van de Vijver, tropenarts en schrijver van ‘Afrika is besmettelijk’. Daarin doet hij verslag van de tijd dat hij voor Artsen zonder Grenzen in Congo werkte. Het afgelopen weekend heb ik dit met groot plezier gelezen. Zoals jullie weten ben ik ook besmet met het ‘Afrika virus’. Steven beschrijft zijn ervaringen in Congo op een heel persoonlijke wijze. Het meeste is voor mij heel herkenbaar (behalve de oorlogsdreiging).

Steven heeft ook een filosofische inslag. Hij onderzoekt de verschillen tussen de Afrikanen en hemzelf. De manier waarop hij dit verschil beschrijft, wil ik met jullie delen:

De inwoners van Baraka (plaatsje in Congo) lijken van elastiek, zowel fysiek als mentaal. Taai, sterk en veerkrachtig. Het elastiek is lastig te vormen of te plooien en tot frustratie van degene die dat probeert, gaat het in elke situatie vanzelf weer terug naar de ideale uitgangspositie: volledig ontspannen.
Vergeleken met hen ben ik van hout. Hard, stug en vol splinters. Redelijk gemakkelijk in de gewenste staat gevormd, en vervolgens dienstbaar en betrouwbaar. Maar de vorm is statisch en als de situatie verandert en het hout eenmaal breekt, lijkt het niet meer hersteld te kunnen worden.

Resumé reis Burkina Faso

  • Mijn doelstelling was dat ik na dit bezoek een beeld zou hebben bij alle namen (van mensen, plaatsen en scholen) die ik in mijn korte periode als bestuurslid van de stichting Faso te horen heb gekregen. Dat is volledig gelukt.
  • Ik heb meer inzicht gekregen in de formele en informele structuren binnen de gemeenschappen. Dit is belangrijke informatie voor het bepalen van de acties en prioriteiten binnen de stichting.
  • Ik herken de voornaamste landbouwgewassen: millet rouge en blanc, yam, rijst, arachide, gombo en natuurlijk mais.
  • Het is andermaal bevestigd dat ik meer van het plattelandsleven houd dan van het stadsleven.
  • Ik snap nog steeds niet hoe de geldstromen lopen. Hoe kan iemand die geen inkomen heeft toch eten, kleden, brandstof, etc. kopen en huur betalen? Het antwoord ‘la grande famille’ lost het voor mij niet op, omdat de meesten daarbinnen in dezelfde situatie verkeren.
  • Op het platteland hebben we alle maaltijden buiten genuttigd. ’s Morgens in het zonnetje, ’s middags onder de boom en ’s avonds in het donker.
  • Ik heb de hele periode in korte mouwen gelopen. Bij temperaturen tussen 30 en 35 graden.
  • Ik ben dit keer niet ziek geweest.
  • Tweemaal daags ‘douchen’ met 10 liter water gaat prima.

douche: emmer water en een plastic bakje

  • Generaliserend denkt de Burkinabé in (hele) korte termijnen (dagen). Langetermijn planning is (daarom) lastig.
  • Ook weer generaliserend: zij denken dat het leven gemaakt wordt (door een god); wij denken dat het leven maakbaar is.
  • Het gesproken Frans is voor mij grotendeels goed te volgen. Het spreken is een stuk lastiger.
  • Ondanks het redelijk volle programma met veel bezoekjes en gesprekken heb ik het verblijf als zeer relaxed ervaren.
  • Mijn oud (Franse) collega’s zeiden het al: “You (Nederlanders) are over organised”. Wij willen alles plannen en organiseren, leggen op alle slakken zout en jagen voortdurende kwaliteitsverbetering na. Dit vergt veel energie. De Burkinabé is zuinig op zijn energie en het zou weleens zo kunnen zijn dat hun levensvreugde – ondanks de grote verschillen in middelen – groter is dan die van ons.
  • Daar teken ik meteen bij aan dat de vrouw in Burkina Faso het een stuk zwaarder heeft dan de man. Een goede vrouw daar is een vrouw die er – in alle opzichten – voor zorgt dat haar man een prettig leven heeft. De meeste vrouwen kijken (daarom?) niet zo blij. Veel mannen daarentegen lopen met een grote glimlach rond.
  • De verschillen tussen man en vrouw vind je ook terug in de statistieken van het basisonderwijs. Gemiddeld is 45% van de leerlingen meisje.

22-10

De laatste dag alweer in Burkina Faso. We vliegen om 22:30, dus we hebben nog de hele dag om in Ouagadougou rond te struinen.

Cees krijgt een goed bericht: zijn fototoestel is gevonden in het dorpje Torkora Bankora. Nu moet er een manier worden gevonden om dit in Ouagadougou te krijgen. Er rijdt iemand op z’n brommertje van Midebdo naar Torkora, neemt het toestel vervolgens mee naar Gaoua. Daar geeft hij het toestel mee aan een busreiziger die naar Ouaga reist. Daar zal het op het busstation weer worden overgedragen aan Cees.

Joanny bezoekt ons weer en geeft uitleg bij de foto’s van de aanleg van een stuwdam, een pomp en een biogasinstallatie. Behalve over deze onderwerpen blijkt hij ook veel te weten over landbouw. Hij kan onze vraag beantwoorden of er in Burkina een gewas is dat kan worden gebruikt als afrastering van bijvoorbeeld een schooltuin. Deze hebben we nergens gezien en een afrastering op basis van gaas is (te) kostbaar.

Werk van stichting steun sahelprojecten

Ook de vraag of er een alternatief is voor de ambulance in Midebdo kan hij beantwoorden. We zijn blij met de uitbreiding van ons netwerk met deze jongeman.

’s Middags bezoeken we het Village Artisanet. Hierin werken verschillende handwerklieden aan traditionele producten en bieden ze natuurlijk ook te koop aan. We schaffen enkele producten aan ten behoeve van de verkoop op onze sponsoravond op 5 november. Hierna steken we schuin over naar de ‘cyber’ (internetcafé) waar Ignace de laatste hand legt aan onze film.

We eten wat in het hotel en pakken onze koffers. Cees neemt een taxi naar het busstation. Hij komt terug met zijn camera. Burkina Faso wordt
ook wel het ‘land van de eerlijke mensen’ genoemd. Dat wordt door deze geschiedenis bevestigd.

Bij het vliegveld nemen we afscheid van onze vrienden Dieudonnee en Ignace. Het vliegveld is – ten opzichte van 2 jaar geleden – een stuk opgeknapt en gemoderniseerd. Er is nu bijvoorbeeld een scanner voor de handbagage. Wat volledig hetzelfde is gebleven zijn alle controles. Net als bij aankomst vul ik wederom hetzelfde papiertje in met de naw-gegevens, het verblijfadres hier en de data en reden van het bezoek. Na de scan van de handbagage wordt deze vervolgens door een andere medewerker van het vliegveld volledig uitgepakt. Tot drie keer toe (2 keer handmatig en 1 keer via de scan van je boardingpass) word je geregistreerd. Ze hebben de nieuwe manier van werken naast de ‘oude’ manier geplaatst in plaats van deze te vervangen. Hier is een efficiency verbetering heel gemakkelijk te realiseren, met als negatief gevolg dat de werkloosheid
verder toeneemt. Moet je niet willen dus?

21-10

Vroeg op en richting busstation. De bus zit minder vol dan op de heenweg, dus we hebben wat meer ruimte. Dat is bij een busreis van bijna 6 uur erg prettig.

Cees ontdekt, als de bus net wegrijdt, dat hij zijn camera mist. Lastig, want hij wil de foto’s en filmpjes gebruiken om de leerlingen en hun begeleiders van het Corlaer College te informeren. Hij zou nog in de andere bagage kunnen zitten, maar dat betwijfelt hij. De busreis verloopt helemaal volgens plan. We verblijven weer in hotel Central in Ouagadougou. Na het kwartiermaken ontmoeten we Ignace, Dieudonnee en twee andere Burkinabé. We eten en drinken samen wat. Joanny, één van deze jongens werkt voor een Nederlandse stichting die stuwdammen bouwt,
pompen realiseert en biogasinstallaties aanlegt. Hij vertelt over zijn werk en belooft de volgende morgen terug te komen om er verder over te vertellen. Ignace heeft de vertaling van de ondertiteling bij de filmpjes nodig. Cees levert deze aan.

Cees heeft zijn fototoestel niet teruggevonden, dus pleegt hij diverse telefoontjes om te achterhalen waar hij hem eventueel heeft laten liggen.