14-10: Midebdo

Vanmorgen om 07:30 al ontvangen door de Directeur Régional van het voortgezet onderwijs in onze regio. Het was er een drukte van belang, want morgen komt de minister van Onderwijs op bezoek. Hij heeft toch een half uur voor ons vrij gemaakt.
Het is vooral een beleefdheidsbezoek. Wij willen dat zij ons en onze initiatieven kennen. Ook zij benadrukken dat er sprake moet zijn van samenwerking.
Aansluitend bezochten we Dreba, de regionale directie van het basisonderwijs. Ook een beleefdheidsbezoek. Op onze vraag welke behoeften er zijn, antwoordde de directeur dat we daarvoor vooral onze voelsprieten moeten uitsteken bij de basisscholen zelf. Zij zullen vervolgens alles in het werk stellen om de eventueel daaruit voortvloeiende projecten op de juiste manier administratief te ondersteunen.

Daarna hebben we in het hotel een gesprek gehad met Désiré Sib en Momo Koko. Sleutelfiguren binnen de gemeenschap van Midebdo en voor ons een belangrijk klankbord voor de initiatieven die we ontplooien en vooral een bron van informatie hoe de hazen lopen in Burkina Faso.

 
’s Middags worden we opgehaald door onze privé chauffeur met een 4 x 4. Deze hebben we hard nodig voor het vervoer richting Midebdo. We slaan water en brood in, omdat dat niet te koop is in Midebdo.
Het eerste deel gaat over asfalt. Het tweede deel over ‘la rue rouge’ ofwel zandweg. Nu wordt duidelijk waarom Cees een 4 x 4 huurt. Voor een gewone auto is deze ‘weg’ niet te berijden. Over 60 km doen we twee uur. Geen last van files.

 
In Midebdo worden we ontvangen door onze gastheer Mirwe Kambire. Hij is de ‘rijkste’ man van het dorp, want hij heeft als enige een betonnen huis. Het gebouw waar wij logeren is een bijgebouw – ook van beton – met een dak van golfplaten, waar normaal zijn zoons slapen. Ik heb een kamer van 2½ bij 2½ waarin een matras en wat schoolspullen op een tafeltje liggen.

 
Mirwe geeft aan dat hij een arme boer is. Op onze vraag hoe hij dan deze (relatief) luxe huizen heeft kunnen bouwen, antwoord hij dat hij een broer in Ouaga heeft die journalist is. La grande famille.
Er zijn diverse bijgebouwen waarin andere familieleden wonen. Ik wil niet de nieuwsgierige tourist uithangen, maar een korte blik in het interieur laat grote armoede zien. De leefgemeenschap van Merwe wordt omringt door maisvelden. Om de gebouwen scharrelen kippen, parelhoenders, varkens en geiten. Deze vormen een soort spaartegoed. In zware tijden kunnen ze deze verkopen, zodat ze over geld kunnen beschikken. Merwe heeft twee vrouwen, zijn derde vrouw is overleden. Naast zijn eigen kinderen en nichtjes heeft hij ook de zorg over 5 jongens van vrienden, die in Midebdo naar het College gaan. In totaal 20 kinderen die hij een onderkomen biedt en moet voeden.

de 5 zonen van Mirwe's vrienden voor hun huis in schooluniform

Ook hier weer het signaal dat er te weinig regen is gevallen en dat de regentijd later is begonnen dan andere jaren. De mensen maken zich grote zorgen of ze straks genoeg te eten hebben voor hun familie. ‘s Nachts regent het een beetje. Een druppel op een gloeiende plaat.

13-10

Vanmorgen vroeg op omdat de bus naar Gaoua om 7 uur vertrekt. We moesten om 06:30 bij het busstation zijn. Ignace had de dag ervoor de kaartjes gehaald. Hij was er om 06:45 nog niet. Hij wist de spanning aardig op te bouwen. Typisch Afrikaans hoor ik je zeggen, maar dat is niet altijd zo. De bus vertrok stipt om 07:00. Gelukkig met ons drieën en onze baggage.
Dat is een hele belevenis: samengepakt in een bus zonder airco. Weinig been- en zitruimte. Gelukkig geen levende have bij de handbagage. Je staat er versteld van wat ze allemaal meesjouwen: er gaan hele brommers in het laadruim.
Het is een reis van 6 uur. Het begin van het traject verliep soepel. Cees gaf aan versteld te staan van de kwaliteit van de weg. Dat had hij beter niet kunnen zeggen: hoe verder we richting de eerste tussenstop Boromo kwamen, hoe slechter de weg. Shaken, not stirred.

 
Bij de tussenstops voor mij inmiddels bekende taferelen: allemaal kooplui die proberen hun waren aan jou te slijten. Drankjes, fruit, koekjes, papieren zakdoekjes, telefoonkaarten, brood, eieren, etc.
Het landschap onderweg is wat saai: een savannelandschap. Ten opzichte van 2 jaar geleden wel een stuk groener. We zien voor mijn gevoel ook meer landbouwactiviteiten: maisoogst, mil rouge, mil blanc (shorgo), rijst, katoen, groentetuinen en kuddes koeien en geiten, gehoed door kleine jongens.

 
Een beetje stijf stapten we in Gaoua uit. Hotel Hara is een verademing. Een ruime kamer met goed werkende airco en warme douche. Veel ruimte en een stuk rustiger dan Ouaga. Ik hoor weer de – voor mij – bekende geluiden van de duifjes, hagedissen en krekels. Voor mij zijn deze geluiden verbonden met Burkina Faso.
‘s Middags eerst de verslagen van de afgelopen dagen afgemaakt en op internet gezet. Daarna heb ik met Ignace de omgeving een beetje verkend en hebben we een heuvel beklommen die uitzicht biedt op Gaoua. Toen ik het op foto wilde zetten, bleken mijn batterijen leeg.
Ignace wees mij op ‘les epines’ bij het beklimmen van de heuvel. Dit is de beste manier om Frans te leren : het blijken gewoon prikstruiken te zijn die allemaal lastige stekels in je sokken achterlaten.

 
Bij het zoeken van de adapter van de netbook kwam ik nog een ‘ reep’ chocola tegen. Deze was buigzaam. Jojanneke : je hebt geen gelijk ; de chocola blijft niet hard in dit klimaat. We hebben het in de koelkast gelegd en later samen opgegeten.
Einde van de middag en avond hebben we enkele belangrijke contactpersonen van onze stichting (voor de insiders: Koko Mono en Desire Sib) gesproken. Daarbij wordt er en vast protocol gevolgd: bonne arrivé, waarna je wordt gevraagd naar jouw gezondheid, die van je vrouw en kinderen en jij wordt ook geacht hetzelfde te doen.
Van Koko kregen we een drankje aangeboden. Ik ben – door de wol geverfd – tamelijk voorzichtig, maar nu heb ik toch een Brakina (Burkinabe biertje) geproefd. Smaakt prima! Ik neem een paar flesjes mee naar huis.

12-10

Goed geslapen in de kamer met airco in hotel Central midden in Ouagadougou. Stel je daar niet te veel van voor. Die is geplaatst in de buitenmuur en langs de randen kijk je gewoon naar buiten. De electrische installatie is ook niet zoals wij dat gewend zijn.

Zo verleng je de aansluiting van de airco in BF: ' gewoon' open langs de muur

Geld trachten te pinnen, maar zowel mijn master- als visacard weigerden. Gelukkig kon Cees wel pinnen. Met Ignace en Dieudonne zijn we naar een tuin (die zijn zelfzaam in Ouaga) gelopen – we willen tenslotte een goede indruk van het straatbeeld krijgen – en daar samen wat gedronken. Het straatbeeld is ten opzichte van 2 jaar geleden niet zoveel veranderd. Ik heb de indruk dat het iets minder chaotisch is, maar misschien komt dat ook omdat ik beter wist wat ik kon verwachten. Het enige dat ik nog niet gezien heb, zijn de ezelkarren. Zou dat een teken van vooruitgang zijn?

Ignace en Dieudonne zijn achter in de 20 en wij proberen hun situatie te begrijpen. Geen vast inkomen en geen uitzicht op werk. Ze scharrelen hun dagelijkse kost bij elkaar door wat muziek te maken en vooral te lenen van vrienden. De sociale verbanden zijn hier letterlijk van levensbelang. Wij hebben ze uitgelegd dat we daar een Nederlands gezegde voor hebben: ” gaatjes met gaatjes vullen” .

Ze zijn helemaal niet gewend dat dit soort zaken openlijk met ‘ ouderen’  worden besproken. Ze vinden ons Hollanders erg direct. Dat past niet in hun cultuur. Het is ons duidelijk dat ze steeds trachten een sociaal gewenst antwoord te geven.

’s Middags hebben we een gesprek gehad met de Nederlandse ambassadeur in Burkina Faso: Ernst Noorman. De ambassade wordt gesloten en we wilden graag meer informatie over de consequenties daarvan, met name voor het onderwijs en de medische hulp. Het was een prettig gesprek, waaruit wij meenemen dat de overdracht goed is geregeld. Uit alles blijkt een grote betrokkenheid bij Burkina Faso. Op onze weg naar buiten zagen hoe beide werelden bij elkaar komen: een Hollands plaatje in een typische Burkinabe oplossing voor een fotolijst.

De zijstijlen van de lijst zijn vervangen door touw: past altijd!

’s Avonds hebben we een bezoek gebracht de vrouw van de directeur van de middelbare school in Midebdo. Zijn vrouw woont en werkt in Ouagadougou; hij in Midebdo (ruim 500 km naar het zuid-westen). Bij navraag hoe dat zo gekomen is, blijkt dat de regering de standplaats van de onderwijsmedewerkers bepaalt. De busreis naar Gaoua duurt 6 uur en dan moet hij nog reizen tussen Gaoua en Midebdo. Ze hebben dus zelfs geen weekendhuwelijk.

Ze wonen – met hun twee kinderen – in Ouaga 2000, zeg maar een vinexlocatie van Ouagadougou. De infrastructuur is daar nog lang niet op orde. De ‘wegen’ (lees zandpaden) zijn een goed voorbeeld dat ze het gezegde ‘ gaten met gaten vullen’  ook in de praktijk brengen. Terug naar het hotel hebben we weer een taxi genomen. Met z’n zessen in een taxi, waarbij tweemensen op de voorste stoel zitten: ik vind niks gek meer in Burkina.

Vroeg naar bed, want we vertrekken om 7 uur met de bus naar Gaoua.

11-10: valse start

Op mijn reis richting Brussel belde mijn reisgenoot Cees toen ik ergens in de trein tussen Utrecht en Rotterdam zat dat Air France hem had gebeld: er zou gestaakt worden op 11-10, dus we moesten een half uur eerder in Brussel zijn. Treinen kunnen nu eenmaal niet vliegen, dus dat was absoluut onmogelijk. We zijn in Brussel aangekomen en daar heeft een uiterst vriendelijke dame van Air France onze vlucht omgeboekt via Brussel Airlines. Ze heeft ook nog voor een taxi richting hotel gezorgd.

 
Goede nacht gehad in zeer eenvoudig hotel. We hadden het advies gekregen bijtijds te vertrekken naar Brussel Airport, dus 06:15 op. Het verkeer zat mee, dus we waren ruim op tijd bij de inchekbalie. Uiteraard vraagt de baliemedewerker om je paspoort. Heb ik de hele tijd op mijn lijf gedragen, maar het was er niet meer. Groot raadsel. Wanneer heb ik dat het laatst gehad? Bij het inchecken in het hotel. Ligt waarschijnlijk nog op het kopieerapparaat 😦

 
Hotel gebeld: geen gehoor. Cees (hij spreekt veel beter Frans dan ik) heeft dus maar een taxi gepakt. Komt hij bij het hotel, zit de deur op slot. Na veel heen en weer bellen iemand gevonden die open doet. Paspoort lag er inderdaad. Veel verkeer in Brussel, dus de deadline voor inchecken nadert. Ik naar Brussel Airlines om respijt te vragen. De vlucht blijkt vertraagd. Dit keer ben ik blij met vertraging 🙂

 
Een uur later dan gepland vertrekken we. In Ouagadougou aangekomen ruik en voel je dat je weer in Afrika bent: 35 graden. We nemen een taxi naar het hotel. Uiteraard moeten we onderhandelen over de prijs. Op onze kamer de bagage een beetje geordend, klamboes opgehangen, water gekocht.

 
‘s Avonds ontmoeten we Ignace, Dieudonne en Osi, drie jongemannen uit het netwerk van mijn dochter Jojanneke. Gepraat over politiek (geen revoluties als in Noord-Afrika, maar ze zien wel kleine veranderingen) en het weer (regentijd is later op gang gekomen en heeft minder gebracht dan anders: men verwacht slechte oogsten).

Bezoek Burkina Faso

Eind 2009 bezochten we onze dochter , morgen vertrek ik voor de tweede keer naar Burkina Faso. Sinds ons eerste bezoek heeft Burkina Faso een plekje in ons hart veroverd. Een deel van mijn schaarse vrije tijd besteed ik nu aan onze stichting Faso. De komende twee weken bezoek ik samen met Cees Boekelo onze projecten in de regio Midebdo (in het zuid-westen in de buurt van Gaoua).

Voor mij is het belangrijkste doel dat ik een beeld krijg bij alle namen van plaatsen, scholen en vooral de mensen die betrokken zijn bij onze projecten.

We hebben zonnepanelen laten installeren, er zijn laptops en lampjes op zonne-energie aangeschaft, docenten zijn geschoold in het gebruik van ICT en er is een overblijfruimte gebouwd. Ik ben benieuwd wat daarvan de resultaten zijn. Er zijn nog een aantal initiatieven als een landbouw- en werkgelegenheidsproject voor jongeren en het realiseren van drinkwatervoorziening in één van de dorpen. Wij hopen ook hiervan een beeld te krijgen van de status en de (on)mogelijkheden van onze inbreng en inzet daarin.

Bij mijn vorige bezoek verbleven we vooral in de hoofdstad Ouagadougou en konden we beschikken over electriciteit en internet. De mogelijkheden daartoe zijn deze keer zeer beperkt (3% van de bevolking op het platteland is aangesloten op het electriciteitsnet), maar ik doe een poging te bloggen.

Faso

Begin deze week heb ik “ja” gezegd tegen een bestuursfunctie bij de stichting Faso. Dit is een Nederlandse stichting die werkzaam is in het departement Midebdo in het zuid-westen van Burkina Faso (2006: 10.844 inwoners). Burkina Faso heeft een plekje in ons hart gekregen na het bezoek aan onze dochter die daar een half jaar vrijwilligerswerk heeft verricht. Daaraan heb ik in eerdere blogs aandacht besteed.

Stichting Faso zet zich primair in voor verbetering van het onderwijs in deze regio. Daarnaast zijn er activiteiten op het gebied van watervoorziening en landbouw. Daarbij sluiten we aan bij de initiatieven van de bevolking. Het is een grote wens om ICT in te kunnen zetten binnen het onderwijs. Een internetverbinding (2% van de inwoners van Burkina Faso beschikt over een aansluiting op het internet) opent voor hen het venster naar de wereld.

Ik wil mijn kennis en ervaring op het gebied van ICT (en onderwijs) inzetten om dit te helpen realiseren. Daarbij kom je hele andere problemen tegen als in mijn dagelijkse praktijk:

  • 95% van de bevolking heeft geen aansluiting op het electriciteitsnet (zo dat er al is). De energievoorziening moet dus komen van zonnecellen in combinatie met accu’s.
  • Hardware is relatief duur. Ter indicatie: een leraar verdient daar €100 per maand.
  • Als gevolg van de slechte infrastructuur is de hardware moeilijk te verkrijgen.
  • Er zijn nagenoeg geen vakbekwame mensen die ondersteuning kunnen bieden.
  • De meest basale computervaardigheden ontbreken.
  • De omgeving (stof en temperatuur) is ongunstig.

Kortom: een geweldige uitdaging!

Een groter contrast is haast niet denkbaar:

Basisschool in het dorpje Torkora Barkoura

Bron: Dell Connected Classroom